Een tikkeltje anders is eigenlijk heel normaal – Over neurodiversiteit op de werkvloer, uitputting en de kracht van anders denken
In februari 2026 verscheen bij Van Duuren Management Een tikkeltje anders is eigenlijk heel normaal, geschreven door Karolien Koolhof, Marije Pietersma en andere auteurs van The Brain Hub. Een multidisciplinair collectief van 28 ervaringsdeskundige professionals dat organisaties helpt om de kracht van neurodiversiteit te begrijpen en de verschillen te benutten.
Dit boek is vooral prettig door de laagdrempelige instap. De belangrijkste vormen van neurodiversiteit worden helder en eenvoudig uitgelegd, zonder dat het simplistisch wordt. Juist die combinatie maakt het toegankelijk voor een brede groep lezers. Of je nu zelf wilt begrijpen hoe jouw brein werkt, of als professional nieuwsgierig bent naar de variaties die je in je werk tegenkomt.
Voor leidinggevenden op de werkvloer is het boek extra waardevol. Het helpt je beter te begrijpen hoe verschillende breinen informatie verwerken, reageren op prikkels en functioneren in een werkomgeving. Daardoor kun je medewerkers niet alleen beter begrijpen, maar ook beter ondersteunen en tot hun recht laten komen. Wat daarbij opvalt, is de toon. Het boek is geschreven in heldere, toegankelijke taal die ook voor hoogvliegers prettig leest. Geen onnodig jargon, wel inhoudelijke diepgang.
door Petra Hiemstra, 18 maart 2026
De auteurs starten met het maken van een helder onderscheid tussen neurodiversiteit en neurodivergentie. Neurodiversiteit betekent simpelweg dat ieder brein uniek is. Net zoals geen twee gezichten hetzelfde zijn, werkt ook geen brein identiek. Neurodivergentie verwijst naar mensen bij wie het brein (en zijn) duidelijk anders werkt dan gemiddeld.
Dat verschil lijkt klein, maar is essentieel. Het helpt om milder te kijken naar verschillen. En om te beseffen dat variatie de norm is, niet de uitzondering.
Het boek biedt een rijk en toegankelijk overzicht van verschillende manieren waarop het brein kan werken. Bekende vormen zoals autisme en ADHD komen aan bod, net als dyslexie en dyscalculie. Daarnaast is er aandacht voor minder bekende profielen zoals taalontwikkelingsstoornissen (TOS), developmental coordination disorder of dyspraxie (DCD) en bipolaire kwetsbaarheid.
Wat het boek sterk maakt, is dat het verder gaat dan labels. Het laat zien hoe het voelt om zo’n brein te hebben. Hoe het doorwerkt in werk, relaties en identiteit. En vooral: hoe vaak verschillende kenmerken samen voorkomen.
Veel mensen herkennen zich niet in één profiel, maar in meerdere. Dit wordt in het boek mooi beschreven als multi-divergentie. Denk aan combinaties van hoogbegaafdheid met ADHD of autisme.
Die mix heeft een bijzonder effect. Eigenschappen kunnen elkaar versterken, maar ook maskeren. Iemand met ADHD kan bijvoorbeeld chaotisch zijn, maar door hoogbegaafdheid toch een sterk tijdsbesef ontwikkelen en verrassend punctueel functioneren. Dit soort inzichten helpen om voorbij stereotiepe beelden te kijken.
Een van de meer wetenschappelijke, maar toegankelijk uitgelegde inzichten in het boek gaat over het voorspellende vermogen van ons brein. Neurowetenschappelijk onderzoek met MRI- en EEG-scans laat zien dat onze hersenen niet alleen informatie ontvangen, maar voortdurend voorspellingen maken. Het brein raadt als het ware wat er gaat komen en past die voorspellingen steeds aan op basis van nieuwe informatie.
Dat helpt ons om snel en efficiënt te denken. Nog voordat we een woord lezen of een som afronden, heeft ons brein vaak al een inschatting gemaakt van wat er waarschijnlijk volgt.
Bij mensen met dyslexie of dyscalculie werkt dit voorspellende systeem minder automatisch. Het brein herkent patronen of getallen minder snel, waardoor lezen of rekenen meer tijd en bewuste aandacht kost. De kans op fouten neemt daardoor toe. Dit inzicht maakt iets belangrijks duidelijk: moeite met lezen of rekenen heeft niets te maken met motivatie of intelligentie, maar met de manier waarop het brein informatie verwerkt.
Het boek beschrijft ook de minder zichtbare kant van neurodivergentie. Veel mensen blijven lange tijd goed functioneren aan de buitenkant. Ze werken, zorgen en presteren. Ondertussen raakt hun systeem uitgeput.
Dit wordt ook wel high functioning depression genoemd. De oorzaak ligt vaak niet in een chemische disbalans, maar in jarenlang aanpassen, maskeren en over grenzen gaan. Het boek maakt hier een belangrijk punt: herstel vraagt geen standaardoplossing, maar rust en afstemming op je eigen gebruiksaanwijzing.
Wanneer de wereld onvoorspelbaar voelt, zoekt het brein naar structuur. Dat kan zich uiten in dwangmatig gedrag of OCD-achtige patronen. Bij autisme komt dit vaak voort uit een behoefte aan overzicht en voorspelbaarheid. Rituelen helpen om de chaos te verminderen.
Ook lichamelijke reacties komen aan bod. Bij langdurige stress kan het zenuwstelsel overbelast raken. Dit kan leiden tot klachten zoals Functionele Neurologische Stoornis (FNS), waarbij het lichaam als het ware op de rem trapt. De metafoor die het boek gebruikt is treffend: de hardware werkt, maar de software hapert.
Het boek besteedt ook aandacht aan hoe neurodivergente mensen hun identiteit ervaren. Sociale categorieën zoals man of vrouw voelen voor sommigen minder vanzelfsprekend. Ook in relaties speelt vaak de persoon een grotere rol dan het geslacht.
Wat hier steeds terugkomt, is het belang van een veilige omgeving. Pas als iemand zich veilig voelt, ontstaat er ruimte om zichzelf te laten zien.
Wanneer iemand langdurig niet gezien of begrepen wordt, kan dat diepe sporen nalaten. Het boek legt een duidelijke link met Complexe posttraumatische stressstoornis (C-PTSS). Dit ontstaat niet door één gebeurtenis, maar door langdurige stress of onveiligheid.
De kernboodschap is scherp en belangrijk: vaak is niet het brein het probleem, maar de omgeving die onvoldoende aansluit.
Een waardevolle toevoeging in het boek is de beschrijving van verschillende manieren waarop hoogbegaafdheid zich kan uiten. Niet iedereen past in het beeld van de ‘succesvolle slimme leerling’. Er zijn ook andere profielen, zoals de aangepaste succesvolle, de autonome zelfsturende, de onderduiker en de creatief uitdagende denker.
Daarnaast is er aandacht voor dubbel-bijzondere profielen, waarbij hoogbegaafdheid samengaat met bijvoorbeeld ADHD of dyslexie. Ook wordt de risicovolle variant benoemd, waarbij onderstimulatie en teleurstelling kunnen leiden tot uitval wanneer vertrouwen ontbreekt.
Hoogsensitiviteit wordt in het boek geplaatst binnen het wetenschappelijke begrip Sensory Processing Sensitivity (SPS), wat helpt om het fenomeen beter te begrijpen en te duiden.
Een bijzonder praktijkvoorbeeld is het AutismeBelevingsCircuit. Dit is een ervaringstraject waarin werkgevers zelf kunnen ervaren hoe het is om neurodivergent te zijn. In plaats van alleen kennis op te doen, ga je het letterlijk voelen.
Juist dit soort initiatieven maken het verschil. Begrip ontstaat niet alleen in het hoofd, maar ook in het lijf.
De missie van het boek raakt precies de essentie:
Neurodiversity is not about fixing people who think differently. It is about valuing different ways of thinking as an essential part of human variation.
Dit boek is geschikt voor iedereen die meer wil begrijpen van het menselijk brein. Voor professionals, leidinggevenden, coaches en ouders. Maar ook voor mensen die zichzelf beter willen leren kennen. Een toegankelijk, rijk en menselijk boek. Het brengt nuance zonder zwaar te worden. Het nodigt uit tot anders kijken. En misschien nog belangrijker: tot anders aansluiten en (gr00t)luisteren.
Precies daar begint echte verandering.
Stuur een mail met in de titel: Een tikkeltje anders naar: petra.hiemstra@haagsehoogvliegers.nl en vermeld in de mail je adresgegevens (of de gegevens van diegene die je het boek gunt). De namen van de winnaars maak ik na publicatie van dit artikel in mijn nieuwsbrief op deze plek bekend.
Wil je het boek direct bestellen? Dat kan natuurlijk ook. Race naar je bibliotheek, plaatselijke boekhandel of klik hier voor bol of managementboek.nl